weblogdossier

Noorderlicht Weblog

Dossier
Terug naar de Noorderlog voorpagina

Ellebogenwerk

Over moordende concurrentie in de wetenschap

Neen, het leven van een wetenschapper gaat niet over rozen. Jarenlang ploeteren aan een onderzoek, vrienden die niet meer durven vragen naar de vorderingen en zelf is de onderzoeker al lang opgehouden uit te leggen wat zijn werk inhoudt. Het laboratorium is zijn huiskamer geworden.

En dan... nèt als hij bedenkt dat hij beter loodgieter had kunnen worden, vindt hij iets dat niemand eerder had gevonden. De ontdekking is rijp voor publicatie in een wetenschappelijk toptijdschrift. Niets staat de eeuwige roem in de weg, op één hobbel na: het onderzoek moet worden beoordeeld door de vakgenoten.

Luister naar de gesprekken die Jair Stein voerde met enkele gerenommeerde onderzoekers, die meerdere van dergelijke hobbels in hun wetenschappelijke carrière moesten nemen. Over sluwe listen, maffiapraktijken en slavernij in de wetenschap. Oftewel: ellebogenwerk.

februari 2010

Nobelprijs of ‘nultiple’

Iedere wetenschapper krijgt wel eens een negatief commentaar op zijn onderzoek. Zelfs toekomstige Nobelprijswinnaars. Kinderarts Edward Nieuwenhuis vertelt over nooit gepubliceerde ontdekkingen en doorbraken die te vroeg kwamen, in het slot van de serie Ellebogenwerk.

“Al mijn allerbeste onderzoek is aanvankelijk afgewezen”, zegt Edward Nieuwenhuis, kinderarts aan het Sofia Kinderziekenhuis in Rotterdam. Dat is ook niet vreemd, vindt hij. “Er is geen grote ontdekking die niet met veel scepsis is ontvangen. Als een artikel precies past binnen de heersende concepten en paradigma’s, is er misschien zelfs geen sprake van echte wetenschap.”

Scepsis is dus goed, maar kan het publiceren wel knap lastig maken. Geweldige studies kunnen erdoor in een relatief ‘laag’ tijdschrift terechtkomen, terwijl mindere onderzoeken in topbladen belanden. Nieuwenhuis: ´ Er is geen direct verband tussen de kwaliteit van een studie en het tijdschrift waarin het verschijnt.”

Een publicatie in een minder vooraanstaand tijdschrift is echter nog altijd beter dan helemaal geen publicatie. Sommige artikelen blijven altijd voor het publiek verborgen, hoezeer wetenschappers er ook mee hebben geleurd. ‘Nultiples’ worden ze genoemd, een wetenschappelijke ontdekking die nul keer is gepubliceerd. Niet bepaald een term die een onderzoeker vaak op zijn cv wil hebben staan.

Gepikte publicatie

“Niks menselijks is de onderzoeker vreemd. Ze strijden om de eer en om het geld. En reageren wat dat betreft niet anders dan onze neven en nichten de primaten. Als er ergens om gestreden moet worden, kan dat hevig zijn.” Aldus hersenonderzoeker Michel Hofman in deel vijf van de serie Ellebogenwerk.

“De eerste keer dat je een manuscript naar een tijdschrift stuurt, is iets dat beklijft.” Michel Hofman, onderzoeker aan het Amsterdamse Instituut voor Neurowetenschappen, heeft de commentaren op zijn eerste stuk dan ook bewaard. Dat stuurde hij naar het vooraanstaande tijdschrift Science, maar de redactie wees het af. Een van de collega-onderzoekers die het voor publicatie had gelezen, gaf een verwoestend oordeel. “Ik weet niet hoe Hofman tot zijn bevinding is gekomen, maar misschien heeft hij gelijk en waren alle voorgaande studies verkeerd.”

Niet lang daarna verscheen echter een zelfde soort publicatie in Science, met zinsnedes die wel erg leken op die uit het (niet gepubliceerde) artikel van Hofman. Was Hofman bestolen en belazerd, door de vakgenoot die zijn studie eerder had afgewezen? Een door de man getypte brief wees wel in die richting. De letters daarop leken verdacht veel op die in het verwoestende commentaar. Waren beide brieven van dezelfde typmachine afkomstig? “Het zou kunnen.”

Desalniettemin blijft de relatie tussen beide wetenschappers goed, zegt Hofman. Zijn collega – en concurrent – op de man af vragen of hij het was, die hem beduvelde, doet hij niet. “Hij zou het toch ontkennen. En bovendien: het bleek niet de laatste keer te zijn. Inmiddels heb ik een stapel aan slechte kritieken over me heen gekregen. Je raakt eraan gewend.”

Belastende brieven

Lijdzaam toezien hoe concurrenten een studie afkraken, een artikel in de prullenbak zien belanden in plaats van in een gerenommeerd tijdschrift? Als Jan Hoeijmakers dat kan voorkomen, dan doet hij dat. Hoe? Luister maar naar deel vier van de serie Ellebogenwerk.

Jan Hoeijmakers laat het er niet bij zitten. Degenen die door tijdschriften worden aangewezen om het wetenschappelijke werk van een ander te beoordelen, zijn altijd anoniem. Maar wetenschappelijke wereldjes zijn klein en onderzoekers kunnen de referenten – vaak hun concurrenten – aan hun commentaar herkennen. Desalniettemin houden wetenschappers de mond tegenover de betreffende collega's veelal stijf gesloten. Zo niet Jan Hoeijmakers, moleculair geneticus aan het Erasmus Medisch Centrum.

Via een scherp briefje laat hij de concurrent in kwestie weten dat zijn commentaar ‘oneerlijk’ was en dat hij een studie netjes, ‘op zijn wetenschappelijke merites’, dient te beoordelen. Iets wat hem lang niet altijd in dank wordt afgenomen. Spijtbetuigingen heeft de geneticus dan ook nooit van een geadresseerde gehad. Maar een heuse ontmaskering was wel een keer het resultaat. Een van de referenten schreef een te doorzichtige fax terug, die Hoeijmakers daarop direct doorstuurde naar de redactie van het tijdschrift waaruit hij eerst was geweerd. Uiteindelijk verscheen zijn artikel daarin alsnog.

Dodelijke domheid

Is het de kift of domheid? Feit is dat vakgenoten de publicatie van een concurrerend onderzoek soms jarenlang vertragen, om later zelf met de eer te kunnen strijken. Zelfs als het, behalve om eer, om mensenlevens gaat. Beluister hier aflevering drie van de serie Ellebogenwerk.

Voordat een artikel wordt gepubliceerd, wordt het ter beoordeling voorgelegd aan de concurrenten. Die zijn niet altijd eerlijk, zegt aids-deskundige Joep Lange. Maar wat ook voorkomt, is dat het stuk negatief wordt beoordeeld omdat mensen domweg niet in staat zijn er iets zinnigs over te zeggen. Dat durven ze alleen niet toe te geven.

Volgens de hoogleraar van het Academisch Medisch Centrum in Amsterdam werd een studie uit een vooraanstaand tijdschrift gehouden vanwege dergelijke domheid. Onderwerp van het achterliggende onderzoek was de overdracht van aids van moeder op kind via borstvoeding. Een simpel pilletje bleek besmetting tegen te gaan - en zou dus vele jonge levens kunnen redden. Maar de 'reviewers' - tevens concurrenten - wezen de studie af. Die zou niet degelijk zijn opgezet.

Frustrerend, noemt Lange het. Door de afwijzing hebben de concurrerende wetenschappers tijd gewonnen om het onderzoek opnieuw en uitgebreider te doen, om zelf met de eer te gaan strijken. In de tussentijd raken nog steeds baby's met aids geïnfecteerd. "Straks worden degenen die het hebben tegengehouden zelf de boodschappers." Domheid of slechtheid? "Domheid", zegt Lange beslist. "Hoewel die twee natuurlijk dicht bij elkaar liggen."

Vriendelijke vijanden

Vakgenoten die elkaars resultaten stelen, maar ondertussen vriendelijk naar elkaar blijven lachen. Christine van Broeckhoven vertelt over huichelarij in de wetenschap, in aflevering twee van de serie Ellebogenwerk.

De concurrentie is keihard binnen het vakgebied genetica van de mens. Het is "publish or perish", zegt Christine van Broeckhoven, moleculair genetica uit Antwerpen. Publiceer of sterf.

Het jatten van andermans resultaten is dan ook niks vreemds. Zo werden die van Van Broeckhoven onlangs door een andere onderzoeksgroep op een congres gepresenteerd, terwijl ze nog niet eens gepubliceerd waren. Ze had haar artikel over frontaalkwabdementie, met de betreffende resultaten, net naar Nature gestuurd. De dief moest dus wel een 'reviewer' zijn: een van haar vakgenoten die door Nature was aangewezen om het stuk voor publicatie te beoordelen.

"Wij weten wie het is", vertelt de onderzoekster. Maar die persoon erop aanspreken doet ze niet. Net als andere wetenschappers moet Van Broeckhoven haar vakgenoten te vriend houden. Want wie weet wanneer ze ze nodig heeft. "'Friendly enemies', dat is wat we zijn."

Sluwe slimmeriken

Wetenschappers zijn de intelligentste mensen ter wereld, maar daarmee ook de sluwste. Wetenschappers zijn ware meesters in het onderuit schoffelen en dwarsbomen van hun 'collega's'. Jair Stein interviewde enkele topwetenschappers over 'ellebogenwerk' in de wetenschap.

Artikelen in toptijdschriften als Nature en Science gaan door een keiharde selectieprocedure. De meeste belanden direct in de prullenbak. Slechts enkele studies worden doorgestuurd naar kritische vakgenoten, die het werk keuren op kwaliteit en originaliteit.

Het beoordelen van een artikel geeft je de mogelijkheid om de concurrentie in de gaten te houden, en zelfs om het werk van je collega’s te vertragen, vertelt stamcelonderzoeker Twan de Vries van het Leids Universitair Medisch Centrum. Het voordeel daarvan is dat je zelf de eerste kunt zijn met een ontdekking. Hoe je dat doet? “Gewoon een paar vervelende extra proeven vragen, zodat je concurrenten een paar maanden zoet zijn”, zegt de Vries.

Het bedrog is ragfijn, weet de onderzoeker. “Wetenschappers zijn in principe de allerintelligentste mensen in de samenleving. Maar dat is ook tegelijkertijd het probleem. Bijzonder intelligente mensen hebben vaak bijzonder gemene streken, want ze kunnen heel goed dat soort streken bedenken. Als je op dit niveau wilt spelen, dan wordt je daarmee geconfronteerd.”

Zelfs collega’s met wie je een goede relatie dacht te hebben, kunnen je op die manier “snoeihard neersabelen”, zegt de Vries, alleen omdat jouw publicatie ze niet goed uitkomt. “En diezelfde man daar heb je dan een maand geleden mee aan tafel gezeten en toen dacht je: wat een aardige gozer!”